dinsdag 15 september 2009

De toekomst van ons bancaire systeem

Actie leidt tot reactie. Op nationaal niveau zie je een roep om meer controle en toezicht op het banksysteem. Vooral vanuit de politiek. Maar ook reacties van de bancaire wereld zelf in de trant van “we hebben ervan geleerd, laat het maar aan ons over”. De eerste zakenbanken hebben intussen alweer meer bonussen uitbetaald dan er winst werd gemaakt en ook die nieuwe gedragscode van de Nederlandse bankiers ontziet de graaierslaag. Echt sprake van een zelfreinigend vermogen is er niet en eerdere controle systemen hebben gefaald, terwijl diezelfde spelers van nu erbij stonden te kijken. Dat geeft niet echt vertrouwen. De verandering moet blijkbaar van buitenaf komen. Zie deze blog van Peter verhaar hierover.Het bestaande bancaire systeem, bestaande uit de systeembanken, zoals dat sinds het ontstaan van de crisis opeens genoemd wordt, dient te bestaan uit kleine, (semi) nationale, grijze en risicoloos opererende banken. Als ik geld overmaak van A naar B dan wil ik graag zeker weten dat het ook daadwerkelijk snel aankomt. Mijn spaargeld, met een rente slechts om de inflatie af te dekken, dient veilig te zijn. Die spaarbanken mogen best “internet’ sparen aanbieden als product, maar buitenlandse spaartegoeden worden niet langer door het Nederlandse garantiestelsel (lees Nederlandse belastingbetaler) afgedekt. Ook de klassieke hypotheek bank mag weer in ere hersteld worden.Banken stellen vaak een minimale solvabiliteitseis (verhouding tussen het eigen vermogen en het balanstotaal) aan krediet vragende bedrijven van 30% en dat gold voor banken tot in de 19de eeuw zelf ook. Op het hoogte punt van de crisis hadden veel banken echter slechts een solvabiliteit onder de 5%, zelfs nog te verminderen met niet uit de balans blijkende verplichtingen, zoals dat zo mooi genoemd wordt. Met 2 maten meten heet dat.Terug naar meer stabiliteit lijkt me hier het devies. Gezonde balansverhoudingen gelden ook gewoon voor banken. Hogere overheidsborgstellingen voor leningen aan het bedrijfsleven dienen te zorgen voor een goede en ruime kredietregelingen tussen banken en bedrijven. Vaste rente, als opslag gekoppelt aan het Euribor (de rente die banken elkaar in rekening brengen) tarief, als een onkostenvergoeding over het gebruik van geld, als beloning voor de bankinstelling. Meer niet. Die banken, aan strakke wet- en regelgeving met strak toezicht gebonden, worden gerund door degelijke mensen, gespeend van groei ambitie. Beetje saai dus. Die mogen best (deels) eigendom zijn van de overheid. (Semi) Overheidsinstellingen en andere clubs die gemeenschapsgeld beheren moeten verplicht zaken doen met deze banken. We hebben al zulke leuke banken, namelijk de Bank de Nederlandse Gemeenten en de ABN, dus we kunnen er heel snel mee beginnen. De discussie of de bancaire rechtspersoon een BV of Coöperatie moet zijn is irrelevant. Het coöperatie zijn van de Rabobank wordt schromelijk overschat. Als klant, lid in dit geval, van die club heb je net zoveel in te brengen als klant van de ABN. Dat mag ik na meer dan 20 jaar zakelijk gebankierd te hebben bij de Rabo bank en recentelijk overgestapt naar de ABN, best zeggen. Daar waar vroeger de beslissingssnelheid en de persoonlijke contacten binnen de Rabo een onderscheidende factor waren, is het dankzij de instroom van ex-ABN’ers van de afgelopen jaren, wat mij betreft weer helemaal een gewone bank geworden, ondanks alle mooie verhalen. Het mislukte avontuur van de Rabo bank om ook een grote zakenbank te worden is, voor hen heel gelukkig op het juiste moment, mislukt. Maar om daaraan de conclusie te verbinden, dat het cooperatie model dus beter werkt, is wat mij betreft onzin.Nederlandse banken hoeven helemaal geen wereld spelers te zijn. We zijn een klein land en we dienen ons als zodanig te gaan gedragen.We kunnen ook eens gaan nadenken over alternatieve valuta systemen of over een geldscheppende overheid. Daarover een volgende keer meer.

1 reacties:

Marjolein zei

Om bedrijven te helpen met financiering kan de overheid gewoon weer zelf geld gaan scheppen. Na de 2de Wereldoorlog waren er in Nederland immers ook muntbiljetten, door de overheid gecreëerde schuldbewijzen. In de Staat Californie gebeurt in 2009 hetzelfde. Bij gebrek aan geld worden er door de overheid onder leiding van Gouverneur Arnold Schwarzenegger I.O.U.’s ( I Owe You) uitgegeven, de banken daarbij buiten spel zettend.
Jammer alleen dat de overheid nu ook niet direct de afgelopen jaren een betrouwbare partij is gebleken. Ook kun je de vraag stellen aan wie die IOU’s dan worden uitgegeven? Als het weer gebruikt wordt om de gevestigde orde in leven te houden lost ook deze beweging de monetaire crisis uiteindelijk niet op.

Onze banken blijven hardleers. Initiatieven als de bankshop van SNS zijn niets echt nieuws en gaan ook zeker niet werken. Wat ga ik dan doen in die shops? Folders halen of iets nalezen op een scherm? De dienstverlening uitkleden door minder diensten aan te bieden, zoals kasloketten of echte medewerkers is gewoon een verpakte kostenbesparing. Nogmaals, daar zitten we helemaal niet op te wachten. Mensen willen gewoon een saaie, maar degelijke dienstverlening, niets meer en minder.
Dat stelt dan wel weer wat andere eisen aan de koper en/of verkoper van bedrijven. Wanneer ik tegenwoordig een bedrijf verkoop aan een derde, hebben we de financiering en de bijbehorende voorwaarden feitelijk al geregeld met de bank als onderdeel van het aanbiedingsproces. De koper weet dus precies waar hij aan toe is en waaraan hij moet voldoen om de koopt tot stand te brengen.

Als de banken dan iets nieuws zouden willen doen kan ik wel een paar diensten verzinnen:

Voorlichten, coachen en mentoren aan en van startende bedrijven of ZP’ers zou men moeiteloos kunnen oppakken. Laat banken zelf maar eens in hun toekomstige klanten investeren in plaats van dat af te schuiven naar allerlei Quango’s, zoals de Kamer van Koophandels. Al die instanties heffen we dan mooi op!

Banken zouden veel meer informele netwerken kunnen opzetten, waarbij bestaande klanten ervaringen delen met nieuwe, potentiële starters. De bank als incubator, als facilitator van kleinere ondernemers. In plaats van geldwinkels, zou men in de hal van de grotere bankgebouwen simpel moeten kunnen flexwerken, gebruik maken van Wifi en andere handige secretariële zaken. Hangend in een virtueel netwerk kunnen mensen elkaar gaan ontmoeten, ervaringen delen en samen gaan werken. Trainingen en workshops over personal branding, collaboration en andere handige tips & tricks completeren het verhaal. Let wel: als facilitator en niet als mede ondernemende partij of verkapt detacheringbureau van ZP’ers…
Geld zaken mogen dan saai zijn, maar de beleving van zo’n werkomgeving bij zo’n bank kan dan wel ultiem zijn.

En dan het liefst als initiatief van alle banken gezamenlijk, dus niet 5 netwerken en/of alleen daar mogen werken als je klant bent! De kosten van deze flexwerk lounges zijn te verwaarlozen. Fysiek hebben de banken veel meters over op vaak handige plaatsen en een virtueel netwerk in de lucht hangen is zo gepiept. Een bescheiden bedrag per werk/plek/uur rekenen, laten we zeggen €1 per uur. Micro-payments via internet betaalsystemen kosten bijna niets en ik ga ervan uit dat banken deze micropayments voorzieningen tot in de puntjes kunnen regelen. Kosten van zo’n virtueel netwerk? Ca. € 15.000 per maand per 100.000 gebruikers…

Ook kunnen banken de alternatieve betalingssystemen gaan faciliteren. Daarin kan men de stabiele verbinding gaan vormen tussen de oude- en de nieuwe wereld, want een aantal innovaties komen zoals gebruikelijk, ook hier van buitenaf.

De innovatie komt van buiten: terug naar het Peer-to-peer lending